Als het stormt in ons...

Het stormt van tijd tot tijd in mijn leven. Herken jij dat?  Stormt het ook wel eens of misschien zelfs vaker in jouw leven?  
Zelfs het woord storm, de klank, de echo ervan in mijn oren en de nasmaak in mijn mond is veelzeggend.  Onzacht tot zeer hard, heftig, met een grote kracht, bruut en niets-ontziend…de storm.

Of de storm nu aan de binnenkant raast of eerder van rondom ons lijkt aan te vallen.  Of de storm nu aangewakkerd werd door angst, woede, onmacht of verdriet.  Of nadat er in de wereld iets gebeurde van ons raakte, alsof de storm ontstak na een vonk van verontwaardiging.  Of de storm uit het niets lijkt te komen of ontstaat aan het eind van een depressie.
Als het stormt denken we het vaak alsof dat we dat niet aankunnen. Dan voelt het alsof we het niet zullen overleven dit keer, elke keer weer.

Zoals Murakami zegt hebben we ook als de storm is gaan liggen vaak geen idee hoe we het overleefd hebben.  En zijn we ietwat op onze hoede soms, onzeker of de storm wel echt voorbij is.  Met als enige zekerheid dat we anders uit de storm zijn gekomen dan hoe we erin zijn gegaan. Want daar gaat het om, de storm voedt verandering, de storm helpt ons transformeren.

De storm nodigt ons uit tot overgave, want ons verzetten tegen pakweg windracht 10 is onbegonnen werk.  De storm blaast het stof van tussen de kieren en spleten van ons verleden.  Hij blaast potjes omver waarin we deskundig ongewenste ervaringen en emoties hadden weggestopt, die waren beginnen gisten en beschimmelen in onze innerlijke kasten en kelders.  De storm rukt aan verduisteringsgordijnen waarachter we ons gekwetste zelf verschuilen, omdat ons ware zelf het licht zou kunnen zien.  De storm brengt zuurstof en vernieuwing mee.  Hij brengt ons uit ons hoofd naar ons lijf, uit wat was of nog moet komen naar het hier en nu. En ook al lijkt alles in eerste instantie stuk, verscheurd of aan diggelen te zijn…te midden van dat puin komen we vaak tot het besef dat we altijd onszelf hebben, dat ons wezenlijke zelf niet weggeblazen kan worden.  Integendeel, als alles wat niet bij ons hoort - alle beperkende aannames, alle destructieve gewoontes, alle zware lagen die over ons zijn komen te liggen ter verdediging of overleving – als die allemaal storm na storm worden weggeblazen krijgen we (eindelijk) alle ruimte om helemaal onszelf te worden en te zijn. Bevrijd door de storm.